2020-10-29 21:42:00 | Tabaksgiganten sluizen miljarden door Nederland



De grootste tabaksbedrijven ter wereld sluizen jaarlijks zeker 7,5 miljard euro aan dividend, rente en royalty’s door Nederland om hun belastingdruk te verlagen. Nieuwe internationale richtlijnen tegen belastingontwijking hebben tot dusverre nog weinig effect gehad.

De vier multinationals gebruiken zonder uitzondering Nederlandse holdings om een deel van hun buitenlandse inkomsten doorheen te sturen. Zo sturen ze elk jaar gemiddeld 7 miljard euro dividend door Nederland. Dat is ongeveer 40 procent van hun gezamenlijke nettowinst (17,5 miljard euro). De meeste van deze holdings hebben geen werknemers en geen activiteiten; ze worden alleen gebruikt als doorvoerhaven van inkomsten.

Dat blijkt uit onderzoek door journalistencollectief The Investigative Desk naar financiële transacties van de vier grootste tabaksfabrikanten in de periode 2010-2019. British American Tobacco (BAT), Philip Morris, Japan Tobacco en Imperial Brands hebben samen twee derde van de wereldwijde tabaksmarkt in handen.

De tabaksfabrikanten gebruiken de Nederlandse vennootschappen ook voor het doorsturen van royalty’s en rente. Onder de holdings in Nederland vallen dochterbedrijven over de hele wereld, die royalty’s betalen voor het gebruik van de bekende sigarettenmerken. Philip Morris (onder meer eigenaar van Marlboro) en Japan Tobacco (Camel) hebben de merkrechten in Zwitserland ondergebracht. Die van BAT (Lucky Strike) bevinden zich in de Amerikaanse staat Delaware. Via Nederland stroomt jaarlijks zeker 150 miljoen euro aan royalty’s richting deze landen.

De Nederlandse tak van Imperial Brands leende de afgelopen jaren grote bedragen van zusterbedrijven in Ierland en het Verenigd Koninkrijk, waarover rente moest worden betaald. In 2018 ging het om 43 miljoen euro aan rente. Door deze rentebetalingen daalde de Nederlandse winst naar nul, waardoor het bedrijf hier geen winstbelasting hoefde te betalen. Op een vergelijkbare manier betaalde de Nederlandse tak van Philip Morris jarenlang 270 miljoen euro rente op een lening uit Zwitserland.

In 2015 introduceerde de OESO (Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling) een set richtlijnen die belastingontwijking door multinationals moet tegengaan. De kern daarvan is dat inkomsten belast moeten worden in het land waar de bedrijfsactiviteiten daadwerkelijk plaatsvinden. Het schuiven met inkomsten om de belastingdruk in bepaalde landen te verlagen, moest volgens de OESO stoppen. 135 landen steunen de richtlijnen.

Schuiven met de winst

Ook Nederland nam de maatregelen over. Zo kondigde het kabinet begin 2018 aan dat er een eind moest komen aan transfer pricing, waarbij multinationals hun producten voor onrealistische prijzen binnen het eigen concern verkopen, om zo de winst te verschuiven. Royalty’s, rentebetalingen en dividenden die naar een belastingparadijs stromen, worden voortaan in Nederland belast. Voor royalty’s en rente gaat deze maatregel op 1 januari in, vanaf 2024 volgt een belasting op dividend dat richting een belastingparadijs gaat.

De tabaksbedrijven hieven de afgelopen jaren een aantal fiscale constructies op, maar een groot deel van de routes bleef intact. Zo verkocht BAT zeker tot eind 2018 de sigaretten die in Zuid-Korea worden geproduceerd op papier eerst aan een Nederlandse vennootschap. Deze verkocht de producten voor een hogere prijs meteen terug aan Zuid-Korea. Gemiddeld verschuift op deze manier jaarlijks 98 miljoen euro winst vanuit Zuid-Korea naar Nederland.

De afgelopen jaren nam het aantal rechtszaken wegens belastingontwijking toe. In zeker tien landen lopen nu juridische procedures waarbij tabaksfabrikanten zich verweren tegen naheffingen. De grootste zaak loopt in Nederland: de fiscus eist 1,2 miljard euro van BAT. Het bedrijf zou 4 miljard euro rente door Nederland hebben gesluisd zonder daar belasting over te hebben betaald.

Europarlementariër Paul Tang (PvdA), voorzitter van een commissie tegen belastingontwijking in het Europees Parlement, juicht het groeiende aantal rechtszaken toe. „Ik zou wensen dat de Nederlandse Belastingdienst deze fabrikanten op de huid zit en elke constructie waar mogelijk voor de rechter aanvecht.Geef ze geen juridische zekerheid. Waarom moet Nederland een veilige haven voor deze fabrikanten zijn?”

De tabaksfabrikanten wilden niet inhoudelijk reageren op vragen over de gebruikte structuren. In hun reacties stelden ze dat ze zich in elk land aan de geldende wet- en regelgeving houden.

Meer over dit onderwerp op nrc.nl en in NRC Weekend



Klink hier om het artikel te lezen

Bronvermelding: NRC

Leave a Reply